Het oprichten van een bamboeplantage

Wat er komt kijken bij het orichten van een bamboeplantage

Het werk op een bamboeplantage is zwaar boerenwerk. Eerst moet de grond ontgonnen worden. Dat wil zeggen dat de bestaande begroeiing – enkele bomen, maar vooral taaie grassoorten zoals olifantengras en speergras, en verder heesters en struiken – moet worden verwijderd. Dat doen we helaas ten dele met chemische middelen (speergras krijg je anders niet weg), maar dan nog moet er veel met hak en kapmes/machete (hoe and cutlass) gedaan worden. Daarna moet het omgehakte, afgesneden en uitgegraven spul weggebracht worden naar een composthoop.

Is het land eenmaal ontgonnen, dan moeten er op de juiste onderlinge afstanden kuilen gegraven worden van ongeveer 40 cm diepte. Daar wordt een jong bamboeplantje in gezet met een mengsel van mest of compost en aarde. Tot nu toe heb ik dat mensen gebukt en met de hand zien doen.

Staan de plantjes er eenmaal, dan moeten ze water krijgen als het niet regent. Na enkele weken komt er onkruid op en moet er gewied worden. Ook dat gebeurt met hak en kapmes. Na een jaar of 5 is de eerste oogst klaar. Bamboe is een gras en bestaat uit pollen waaruit 2 tot 4 halmen groeien, maar dan wel zo hoog als een flinke boom. Na 5 jaar moeten van elke pol de oudste halmen verwijderd worden. Die halmen van minstens twintig meter lengte moeten naar vrachtwagens gebracht worden om afgevoerd te worden naar een plaats waar ze kunnen drogen en wachten op een koper.

Dit is in het kort het werk op een plantage, afgezien natuurlijk van wat administratief en commercieel werk.

17 12 20

Advertenties